Ik weet iets over jullie allemaal dat centraal staat in jullie leven. Iets heel persoonlijks. En jullie weten iets over mij. We weten iets over iedereen, waar ook ter wereld. Zwart of wit, groot of klein, rijk of arm, religieus of ongelovig. De drijfveer van het leven van alles wat we doen: we willen allemaal gelukkig zijn. Hierin hebben we al een grote, gemeenschappelijke overeenkomst. Hoe we geluk zien en alle ideeën over hoe we geluk kunnen vinden, verschillen echter.
Mensen vragen mij wel eens: ‘waarom ben je altijd zo vrolijk en positief?’ Eigenlijk weet ik nooit zo snel een antwoord op die complexe vraag. Mijn reactie schommelt altijd ergens tussen ‘ik heb weinig tot geen reden om het niet te zijn’ en ‘een levenshouding die me is aangeleerd.’ Meestal concludeer ik, na mijn vage, niet erg verhelderende antwoord dat ik hoe dan ook dankbaar ben voor mijn geluk.
Dankbaarheid als gevolg van geluk. Ik hoop dat jullie het met me eens zijn als ik zeg dat dat een logisch gevolg is en dat ik stom zou zijn als ik niet dankbaar zou zijn. Maar is dat ook altijd zo? Zijn gelukkige mensen ook werkelijk dankbaar? Er zijn genoeg mensen – jullie kennen er vast ook een paar – die alles hebben om gelukkig te zijn, maar het niet zijn. Ze willen iets anders, of meer van hetzelfde. Ook kennen we allemaal genoeg mensen met tegenslag, heel veel tegenslag. Of in ieder geval iets dat wij niet zouden willen. En het gekke is, soms zijn die mensen intens gelukkig! Maar waarom?! Ik denk omdat ze dankbaar zijn. Dus je wordt niet dankbaar door geluk, maar gelukkig door dankbaarheid. Dankbaarheid maakt je gelukkig!
Misschien een overhaaste conclusie, dus hier laat ik het niet bij! Als dankbaarheid de sleutel is tot geluk, dan is het belangrijk om te weten hoe dankbaarheid in zijn werk gaat. Wanneer we iets krijgen dat waardevol is, dan zijn we dankbaar. Genoeg voorbeelden te noemen uit jullie eigen ervaring denk ik. Twee componenten komen hier samen: iets krijgen (een geschenk) en iets waardevols. Het besef dat je iets zomaar hebt gekregen en dat het waardevol voor je is, maakt je spontaan dankbaar.
Oké. Tussendoor even een korte samenvatting. Om gelukkig te zijn moeten we dankbaar zijn. Om dankbaar te zijn moeten we een waardevolle ervaring geschonken krijgen. Maar je krijgt niet zomaar iets waardevols, toch? Of wel? Als je deze theorie betrekt op het grotere geheel, kan je zeggen dat het feit dat je leeft één groot geschenk is. Dit kan je onderverdelen in momenten. Elk moment in je leven is een geschenk, iets dat je hebt gekregen zonder er iets voor te hoeven doen (behalve er gewoon zijn).
Dit maakt een moment nog niet direct iets om dankbaar voor te zijn volgens deze theorie. Er mist nog iets, wat maakt een moment waardevol? Eigenlijk ligt IN dit geschenk (het moment) het geschenk dat het tot iets waardevols maakt, namelijk: de kans. Je bent niet dankbaar voor het moment, maar voor de kans die het moment met zich mee brengt. Je kan deze kans voorbij laten gaan of we kunnen hem benutten. Als we de kans benutten is dit volgens mij dé sleutel tot geluk. En die sleutel hebben we gewoon in eigen handen.
En dit betekent beslist niet dat we overal dankbaar voor kunnen zijn! Er zijn genoeg dingen op te noemen waarvoor we niet dankbaar kunnen zijn: oorlog, geweld, mensenhandel, honger etc. Of wat dichterbij jezelf: rouw, ontrouw, eenzaamheid. Maar in elk gegeven moment kunnen we dankbaar zijn voor de kans. Als we geconfronteerd worden met iets moeilijks, kunnen we de kans die ons gegeven is, benutten. Dit lukt vaak niet omdat we er het liefst snel aan voorbij gaan. We stoppen niet om de kans te zien.
De kans die je krijgt is bijvoorbeeld om iets te leren, iets dat soms pijnlijk is. Denk aan: geduld, opkomen voor je mening, je laten horen. De mensen die we bewonderen zijn niet de mensen die alles hebben wat ze willen. Het zijn de mensen die de kansen die ze krijgen benutten. En degenen die het niet lukt een kans te benutten, krijgen altijd weer een volgende kans. Zo mooi is het leven.
Hoe benut je kansen die je krijgt? Zodat we niet alleen af en toe dankbaar zijn, maar van moment tot moment. Het antwoord hierop is volgens mij veel makkelijker dan je zou denken. Het is de simpelste en waarschijnlijk eerste verkeersregel die je ooit hebt geleerd: stoppen, kijken, gaan. We worden niet achterna gezeten door een (voor)oordeel die ons van ons geluk berooft als hij ons inhaalt. Die constante haast zorgt er alleen maar voor dat we juist die kansen voorbij lopen die ons dankbaar kunnen maken.
Probeer eens een dag overbewust (het is niet eens een woord) te leven. Vanaf dat je wakker wordt, tot je gaat slapen. Zet eens een paar stoplichten in je leven. Bijvoorbeeld iets simpels als de voordeur. Als je ’s ochtends naar school of werk gaat: frisse lucht, natuur, vogeltjes. Als je ’s avonds thuis komt: kachel, dak boven je hoofd, waterkoker. Open je zintuigen voor al alles dat ons gegeven is. Zo kan je eindeloos veel stoplichten neerzetten om je dankbaarheid te stimuleren.
We kunnen niet alleen ons eigen geluk stimuleren, maar ook het geluk van anderen. Ons hart openen voor de kansen die we krijgen om anderen te helpen, dat wat God ook van ons vraagt. Want wij mensen zitten zo in elkaar dat we het gelukkigst zijn als iedereen gelukkig is. Als we ons echt openen voor kansen, dan geven die kansen ons de mogelijkheid iets te doen. Dankbaarheid kan onze wereld veranderen. Als je dankbaar bent, ben je niet bang. Als je niet bang bent, ben je niet afgunstig. Dankbaarheid geeft het gevoel genoeg te hebben en de bereidheid te delen. Als je dankbaar bent, geniet je van het verschil tussen mensen. Het geeft geen gelijkheid, maar gelijkwaardigheid.
Dankbare mensen zijn blije mensen. Help elkaar dankbaar te zijn. Want een dankbare wereld is een blije wereld. ‘Stoppen, kijken, gaan.. en DOEN!’
Gods zegen,
Levi